|
In het Meetgebouw van de Commissie voor Physische Strijdmiddelen, de eerste voorloper van het TNO-FEL (noot: sinds 1 januari 2005 TNO Defensie en Veiligheid locatie Waalsdorp), werd 80 jaar geleden op 1 december 1927 door Ir J.L. van Soest en de Hr. P Groot onderzoek en ontwikkeling gestart ten behoeve van de Nederlandse Defensie. Dit 80-jarig jubileum in 2007 is een mijlpaal waaraan niet zonder meer voorbij kan worden gegaan. Aanleiding tot de start 80 jaar geleden waren berichten in Nederlandse en andere kranten in het jaar 1924 over een dodende straal. Deze en andere geheimzinnige stralen zouden vooral in Duitsland zijn waargenomen. Ontstekingsmechanismen werden ontregeld, waardoor vliegtuigen om onverklaarbare redenen neerstortten en auto’s stilhielden. Naar aanleiding van deze berichten werden in de Tweede Kamer van de Staten Generaal vragen gesteld aan de Minister van Oorlog. De minister, dr.J.J.C.van Dijk, beloofde een onderzoek naar deze berichten te zullen instellen. De Minister vroeg advies aan prof.dr.Hendrik Antoon Lorenz. Als resultaat van het gesprek met Lorenz werd prof.jhr.dr.G.J.Elias uitgenodigd op te treden als voorzitter van een commissie, welke deze zaak zou onderzoeken. Zo werd op 25 november 1924 met een ministeriële beschikking de Commissie voor Physische Strijdmiddelen opgericht met als voorzitter prof. Elias en met zowel civiele als militaire leden.
Uit de beschikking
blijkt dat de minister, na zijn adviseurs gehoord te hebben, de Commissie
en veel ruimere opdracht gaf dan louter de studie omtrent dodende stralen.
De oprichting van de Commissie was een daad van vooruitziend staatsmanschap.
Fysische hulpmiddelen werden van steeds grotere betekenis voor de strijdmacht
en daardoor was het noodzakelijk over een deskundige organisatie te beschikken.
De minister berichtte per brief dd. 2 juni 1926 dat met de bouw van het laboratorium kon worden begonnen. Op voorstel van de Commissie werd het gebouw in een rustige omgeving, de Vlakte van Waalsdorp, gesitueerd en kreeg het de beschikking over een afsluitbaar proefterrein. In september polste prof. Elias Ir J.L.van Soest om als eerste ingenieur van het nieuw te bouwen laboratorium op te treden, aangevuld met een academicus en twee technici. Ir. van Soest nam na enige tijd van overdenking het aanbod aan, maar verzocht voor de eerste aanloop slechts met twee man, één ingenieur en één technicus, te beginnen. Op 15 februari 1927 werd Ir. van Soest op arbeidsovereenkomst in dienst genomen. Op 1 december 1927 trad als technicus instrumentmaker P.D.Groot aan. Nu kon met het onderzoek een aanvang worden gemaakt in het zojuist gereed gekomen gebouw, waarin ook de Militaire Weerdienst werd gehuisvest. Het gebouw werd geen laboratorium maar "Meetgebouw" genoemd om reacties te vermijden van anti-militaire zijde en bovendien om de activiteiten aldaar beter geheim te kunnen houden.
|
|||
| |