|
Omdat
de geluidsnelheid 340 m/s bedraagt en de vliegsnelheden dertig tot 110
m/s, is de richting waarin een vliegtuig met het luistertoestel wordt
waargenomen niet de richting waarin het op dat moment is.
Voor
de akoestische correctie heeft Van Soest een correcteur ontwikkeld dat
gebruikmaakt van het cilindrische planchet. Een planchet in gebruik bij
luistertoestellen is een projectievlak, waarop een route (= vlieglijn)
van een vliegtuig wordt geprojecteerd. Dit wordt de vliegcurve genoemd,
waarop uitgaande van enige waarnemingspunten door extrapolatie de werkelijke
plaats van een vliegtuig is aan te geven. Van Soest werkte de baanvergelijking
uit voor het cilindrisch planchet. Bij het planchet werd langs de cirkelrand
van de cilinder de kaarthoek en langs de verticale as de elevatie van
0° tot 90° afgezet. De horizon komt daarbij overeen met de grondcirkel
van de cilinder, het zenit met de gehele topcirkel. Slaat men de cilindermantel
in een plat vlak uit, zo krijgt men een rechthoek, waarop kaarthoek en
elevatie in een rechthoekig coördinatenstelsel afgebeeld staan.

Correctiecylinder
Bij
afbeelding van een horizontale vlieglijn liggen de punten aan de horizon
op elevatie 0 en het passeerpunt, dat het dichtst bij het luistertoestel
ligt, op de grootste elevatie. Op het planchet zijn voor diverse elevaties
vliegcurven weergeven, deze krommenschaar heeft als formule
tg(e)/tg(ep)= cos(a-ap) waarbij e de elevatie van
het doel, ep het elevatiepasseerpunt, a de kaarthoek van het
doel en ap de kaarthoek van het passeerpunt is.
Het
planchet is verdeeld in twee delen, een voor vlieghoogtes tussen de 1000 m
en 2500 m en de andere voor vlieghoogtes boven de 2500 m. Bij
de fabrieksuitvoering van het luistertoestel was bij het akoestisch correctie-apparaat
het planchet als een om zijn as draaibare cilinder binnen een glazen cilinder
aangebracht. De luisteraar neemt de richting van een vliegtuig waar en
zet met een druk op een knop een inktstip op de glazen cilinder. Dit doet
hij achtereenvolgens drie keer. De planchetcilinder wordt daarna door
de planchetaflezer zo verdraaid dat de drie waarnemingspunten (=stippen
op de glazen cilinder) zo goed mogelijk passen op één van de vliegcurven.
Het waarnemingspunt van het vliegtuig moet zich dan verder op dezelfde
curve bevinden.
|

Correctiecilinder
type Waalsdorp
(volledige weergave 189 KB)
|

Correctiecilinder type Koloniën
(volledige weergave 210 KB)
|
De vraag
is hoever? Van Soest heeft hierover advies gevraagd aan de Leidse astronoom
Prof. de Sitter. De Sitter heeft samen met zijn assistent de dhr. Gaykema
een theorie uitgewerkt die hiervoor een oplossing bood. De uitwerking
van deze theorie was een tabel met extrapolatiefactoren die afhankelijk
waren van de snelheid van het vliegtuig, een vast aangenomen insteltijdcorrecteur door de aflezer en een factor die afhankelijk was van
de vlieghoogte. Deze laatste factor is in het planchet aangegeven door
een letter in de velden, die dwars door de vliegcurven van het planchet
lopen. Valt de laatste waarneming door de luisteraar in het vak met b.v.
de E, dan wordt deze regel van de tabel gebruikt.

Correctie
voor snelheid afhankelijk waarneemsegment
Staat
de laatste waarneming in het gebied van deze letter E en is de geschatte
vliegsnelheid 60 m/s, dan is de correctiefactor 5. Het instellen van deze
factor gebeurt door een cilindrisch gebogen doorzichtige plaat, waarop
een bundel concentrische cirkels met volgnummers (= correctiefactoren)
is afgebeeld. Deze plaat bevond zich tussen de glazen cilinder en het
cilindrisch planchet en was horizontaal en vertikaal te verschuiven. Bij
de bovengenoemde correctiewaarde 5 werd door de aflezer de laatste waarneming
op de cirkel 5 gezet en het middelpunt van de cirkels op dezelfde vliegcurve
van deze laatste waarneming. Aan dit middelpunt zit de kaarthoek en de
elevatieschaal gekoppeld, waardoor na instelling de kaarthoek en elevatie
van het vliegtuig waren af te lezen.
Het
puncteren van de inktstippen op de glazencilinder van de correcteur is
later vervangen door het continu schrijven van het volgproces van het
doel door de luisteraar met behulp van een pen of potlood. De luisteraar
moest hiertoe als het doel waargenomen was kleine cirkelende bewegingen
rond het doel maken, waarbij het geluidcontact niet werd verloren en daardoor
het doel werd gevolgd en met als gevolg dat een spiraal op het planchet
werd geschreven. De aflezer kon dan sneller een passende curve op het
planchet instellen.

Waarneemcorrectie
(voorwaartse compensatie
vliegsnelheid en tijd nodig voor waarneeming)
|