![[TNO-logo]](../images/banner.gif)

Installatie van de CYBER 74: herinrichting van de elektriciteitsvoorzieningen

Installatie van de CYBER 74; drie van de vier ‘bays’ zijn bedraad.
De "kerstboom", een paal tussen de bays waaraan alle bedrading
tussen de bays opgehangen werd, ontbreekt nog.
Voor de gebruikers waren een aantal beperkingen ingebouwd. Per interactieve processtap mocht maximaal tien seconden rekentijd verstookt worden. Batchjobs die langer dan 7.5 minuut CPU-tijd vergden werden alleen ‘s-nachts en in de weekeinden verwerkt. Daarbij mochten de batchjobs overdag niet meer geheugen vergen dan 140000B en ‘s-nachts 200000B woorden (369 KB resp. 429 KB). Interactief lag die grens bij 70000B woorden (215 KB).
De installatie van de CYBER 74 in augustus 1978 vergde drie weken. Eerst werd
de Control Data 6400 afgevoerd en werd de computerruimte
uitgebreid met een kamer. Tijdens de ombouwperiode had het Laboratorium geen rekenfaciliteiten.
Omdat iedere van de vier "poten" (bay’s) van het systeem zo’n 2000 kilo woog
en na plaatsing ook nog eens extra zwaar zou worden door het koelwater, was vooraf
bij de architect van het gebouw nagegaan of de constructie van het gebouw voldoende
draagkracht zou hebben. Nu bleek dat geen probleem te zijn. Wel moesten speciale
voorzorgen genomen worden om de systeemdelen tegen de schuine helling op te trekken:
dikke balken tegen de buitenzijde van de gevel om de takels te bevestigen. Om
het dagelijkse transport van de koffiekarren en dergelijke binnen het Laboratorium
niet te verstoren was besloten om de delen op zondag via de lift naar boven te
transporteren. Vooraf was nagegaan of het gewicht met de lift getransporteerd
kon worden. Een ding was tijdens al die voorbereidingen vergeten, namelijk het
bestellen van een liftmonteur die voor "zwaar transport" een motorbeveiliging
moest overbruggen. Om de delen toch naar boven te hijsen is de kabeltrommel van
de lift middels handkracht vele malen rondgedraaid...

De radargevoelige magneetbandeenheden en het CYBER 74 console.
Daarachter de luchtkoeling die nog al eens lekte.
Nog dieper spitten toonde aan dat de fouten - als ze optraden - dit met een frequentie van 0.1 Hz deden. De Bedrijfstechnische Stafafdeling ging het elektriciteitsnet na, doch kon niets vinden. Ondertussen was het operator console display-programma dusdanig gewijzigd dat tijdens magneetbandverwerking de gelogde fouten op het scherm verschenen.
Enkele weken lang trad het 10-seconden probleem niet op totdat op een vrijdagmiddag keurig iedere tien seconden een leesfout optrad. Binnen de kortste keren was het bedrijfsbureau gewaarschuwd en stonden er zeker tien mensen het fenomeen op het console te bekijken. Een tweede magneetbandeenheid werd gestart, nu werden er iedere tien seconden twee meldingen gelogd. Een van de aanwezigen keek naar buiten en ontdekte dat bij STC een radar stond te draaien die een omwentelingssnelheid had van precies tien seconden. Een telefoontje naar STC om de radar uit te zetten resulteerde aldaar in een kwade researchmedewerker: zijn radar stoorde toch geen computers ! Dit totdat hij zelf kon constateren dat de zijlus van zijn radar precies instraalde op de koppen van de gedraaide magneetbandeenheden. Het aanbrengen van een stukje geaard kippengaas voor de ramen lostte de problemen voorgoed op.
Overigens trad bij het LEOK na de verplaatsing van een radar eenzelfde euvel op. Volgens de radardeskundigen reflecteerde een bomenrij de radarstraling naar de computerruimte. Na het verkrijgen van de kapvergunning werd een hele rij bomen gekapt. Helaas. De radarinstraling kwam rechtstreeks door het dak heen! Ook hier hielp een simpele vorm van de kooi van Faraday om de computerstoringen uit de wereld te helpen.
MuseumWaalsdorp@tno.nl