![[TNO-logo]](../images/banner.gif)

CALMA ruimte met server en werkstation
In een notitie van de projectgroep "FEL-CAE" werd voorgesteld om over te gaan tot
aanschaf van CADNETIX-systemen. Ook werd een organisatiestructuur voorgesteld.
De systeemdeskundigen worden bij de net opgerichte groep
Systeemmanagement en Support (groep 2-7) binnen de IT-divisie geplaatst.
In 1987 worden de eerste CADNETIX-werkstations en een server
geïnstalleerd voor schemaontwerp en Printed Circuit Board (PCB)-design. Op 24 december 1990
wordt het in financiële problemen geraakte CADNETIX overgenomen door Daisy Systems.
De nieuwe bedrijfsnaam werd DAZIX.
Het aangeschafte ECAE-systeem bestond uit twee CADNETIX (CDX)-servers,
4 CDX-werkstations verdeeld over de "open shop", waar de researchers hun
basisontwerpen konden maken, en de "closed shop", waar de printproductie
werd voorbereid.
De CADNETIX werkstations hadden een
MC 86020 processor,
40 MB schijfopslag, 4 MB RAM en draaiden onder het BSD-UNIX besturingssysteem.
De ECAD systemen voor de ontwikkeling van Printed Circuits Boards (PCB) hadden
proprietary grafische versnellerkaarten. Voor die tijd leuke systemen die
redelijk snel waren! Wel zeer lawaaiig. Voor Electronic Computer Aided Engineering (ECAE)
was er een simulator-engine aangeschaft, die bij gebrek aan symbolen met specificaties
die de engine nodig had, weinig werd gebruikt.
Omdat de CADNETIX systemen geïnstalleerd werden voordat het gehele IEEE 802.3
local area netwerk op het FEL (het FELLAN) aangelegd was, werd voor de CADNETIX systemen
een eerste apart netwerksegment aangelegd, dat later door middel van een bridge gekoppeld
werd met het FELLAN.
Later ging CADNETIX in zee met SUN
en werden een SUN 3/50
en een SUN 3/60
(MC 86030 processor systemen) voor ECAE aangeschaft. Dit voordat CADNETIX
overgenomen werd door Daisy Systemen, die hun elektronische ontwerpsoftware
al geheel draaide op het SUN platform.
Ook voor de ECAD werkzaamheden werd een SUN 3/60 aangeschaft met een
verhoogd chassis t.b.v. de CDX proprietary grafische versnellerkaart.
Hoewel er veel problemen met de werking van de toepassingsprogrammatuur waren,
was deze qua gebruikersinterface zeer goed doordacht en doorgevoerd in alle
stadia van het elektronisch ontwerpen.
Het aansturen van de Excellon boormachine voor de printplaten en de Gerber {in 1998 overgenomen door Barco Graphics} en later de SECMAI fotoplotter was een uitdaging voor de systeemprogrammeurs. Hierbij werden uitvoerbestanden van de ECAD-systemen op verschillende manieren geconverteerd en aangepast. Toen deze koppeling uiteindelijk werkte, werd de printproductie afdeling opgedoekt. De aanmaak van printen gebeurde voortaan extern.
MuseumWaalsdorp@tno.nl