|
Plattegrond
Physich Laboratorium in 1940
Ir. Van Soest had een
kamer rechts van de hoofdingang (links voor), de kamer van Sarfer was links.
De administratieruimte lag daarachter alsmede de tekenkamer. Vervolgens
kwam midden-rechts de toegang tot een vrij ruime gang, met links en rechts
de kamers/ werkruimten van de ingenieurs, de elektronici en Suster, met
achteraan nog een bergruimte voor onderdelen en de ingang naar de cv-kelder.
De gang eindigde met schuifdeuren die toegang gaven tot de instrumentmakerij.
De instrumentmakerij
Naast de schuifdeuren
naar de gang had de instrumentmakerij nog een eigen ingang aan de achterkant
(duinkant) van het gebouw. Het was in feite het nieuwe gedeelte van het
laboratorium voorzien van rolluiken. Het oude deel had luiken met pennen.
De Vries en Tabbernee hadden elk een sleutel van de achteringang. Wie
het eerst ’s ochtends aankwam, opende de deur, want er was nog niemand
in het gebouw aanwezig als de ‘handwerkers’ om 8 uur moesten beginnen.
Soms stonden we in de regen of bij vrieskou op de sleutel te wachten en
dat gaf wel eens aanleiding tot harde woorden!
Bij binnenkomst was
er een rechthoekige hal, met links de schuifdeuren naar het materiaalmagazijn
en rechts de toegang tot de instrumentmakerij. Tegenover de buitendeur
was de ingang naar de kantine aan de voorkant van het gebouw, achter het
materiaalmagazijn. In de hal waren rechts een tweetal toiletten en wastafels
en links de deur naar de kamer van De Vries en de garderobe. De eerste
taak van de jongeren was elke morgen het vegen van de werkplaatsvloer
(een schoonmaakdienst was er niet).
De werktijd was 8
uur per dag en ’s zaterdags tot 1 uur.
In mijn herinnering
stonden er in de instrumentmakerij de volgende machines opgesteld:
- twee boormachines
- een grote draaibank
en twee of drie kleinere
- een freesbank
- een schaafbank
- een zaagbank
- een handzetbank
- een grote handknipschaar
met afvalbak (goed voor eigen werk).
Langs de raamkanten
waren lange vaste werktafels van, naar ik meen, 8 plaatsen elk. Tegen
de dwarsmuren stonden kasten met klein materiaal.
Achter de werkplek
van Tabbernee rechtsachter vanaf de gang gezien was de deur naar een kleine
smederij. Daarin bevond zich onder meer een smidsvuur met aambeeld, een
inrichting voor hardsolderen en een poetsmachine. In de kantine stond
voorts nog een klein nikkelbad opgesteld.
|