Computerhistorie: grafische voorzieningen periode 1978 – 1983

Grafische Voorzieningen periode 1978 – 1983

PDP 11/60 en Evans & Sutherland PS/2

Het CDC Digigraphic grafische computersysteem werd medio 1979 afgestoten. Daarvoor in de plaats werd een DEC PDP 11/60 en een Evans & Sutherland Picture System/2 (PS/2) geïnstalleerd. Het PS/2-systeem kostte zo’n US$ 110.000, het PDP 11/60 systeem ongeveer evenveel. Het PDP 11/60 systeem bevatte 192 KB geheugen, een CPU met een hardware floating point unit en vier verwisselbare RL01-schijven met een opslagcapaciteit van 5 MB per stuk.

Evans & Sutherland PS/2
Evans & Sutherland PS/2

De in april ’79 geplande installatie werd sterk vertraagd omdat zware spullen tijdens het transport per vliegtuig boven op beide systemen geplaatst waren. Het systeemframe was uitgeknikt en behoorlijk uit het lood geraakt, een – nog werkende – beeldbuis was tijdens het uitladen van het vliegtuig gevallen en ruim vijf centimeter naar achter in de behuizing geschoten. Uiteindelijk werd eind juli ’79 een vervangend PDP 11/60 systeem geleverd en werd de overige schade gerepareerd.

De PDP 11/60 met de vier RL01-schijfeenheden en de Kennedy taperecorder
De PDP 11/60 met de vier RL01-schijfeenheden en de Kennedy taperecorder

Bij de invoer van het systeem probeerde het Laboratorium nog vrijstelling te krijgen van het moeten betalen van invoerrechten omdat het PS/2 grafische systeem een “voorwerp van wetenschappelijke aard” betrof dat voornamelijk geschikt was voor de “verwezenlijking van wetenschappelijke activiteiten“. Dit verzoek werd door het Commité Douane-vrijstellingen afgewezen. In 1980 was daarmee de tijd aangebroken, dat minicomputers en grafische systemen gewone apparaten werden. Eind 1980 werd het Picture System/2 uitgebreid tot een Multi-Picture System. De grote behoeftesteller was researchgroep Telecommunicatie, die destijds onderzoek verrichtte aan de optimale inrichting van het Zodiac rasterverbindingsstelsel van het Eerste Legerkorps (1LK) dat het legerkorpsverbindingssysteem van het 1LK uit het begin jaren zestig. ZODIAC is de afkorting van ZOne, DIgitaal, Automatisch en Cryptografisch beveiligd. Onder andere werd onderzocht werd hoe knooppunten in het veld afgebouwd, verplaatst en weer gekoppeld konden worden zonder impact op de rest van het verbindingsstelsel. Een beschrijving van Zodiac stelde: ‘Bewegelijkheid en hogere verplaatsingsfrequentie waren essentieel voor de overlevingskansen en het inspelen op veranderende tactische situaties‘. Voor meer over Zodiac, zie “De geboorte van Zodiac

De CDC Cyber 18-17: plotten en D-Manager

De CDC Cyber 18-17 (kortweg System 17), die eerder de Digigraphic aanstuurde, werd hergebruikt als minicomputer om zowel de Calcomp 936-plotter aan te sturen als om de DManager te huisvesten. De D(ata)Manager was een eigen Laboratoriumontwikkeling: een bus-structuur waaraan tot maximaal 63 processoren (POPs) gekoppeld konden worden. Als toevoeging aan “Janus”, het CDC CYBER PP-programma 1IR dat zowel de kaartlezer, printers als de Calcomp plotter aanstuurde, werd een overlay ontwikkeld die via een kanaalkoppeling tussen de CDC 6400 en de Cyber 18-17 een ‘hand-shake’ maakte. Vervolgens werden de plotdatabestanden overgestuurd naar de Cyber 18-17, die op zijn beurt de plotter aanstuurde. De kanaalsnelheid bedroeg zo’n 3 tot 4 Mbyte/s. Na het plotten werden de plotfiles overigens nog enige tijd bewaard op de CDC 6400 om eventueel opnieuw geplot te worden indien bijvoorbeeld een inktpen uitgedroogd was.

Plotten

In de zeventiger jaren bracht Tektronix de 4010 en de grotere 4014 grafische terminals op de markt. Op de fosforbuizen konden “tekeningen” en tekst worden afgebeeld. Het Laboratorium had enkele van die terminals en installeerde eind zeventiger jaren een grote TEK4014-terminal met hard-copy eenheid in de terminalruimte. Met behulp van de routines uit de Terminal Control System (TCS)-bibliotheek (PLOT-10) konden deze terminals aangestuurd worden.

Tektronix 4010 grafische terminal
Tektronix 4010 grafische terminal

Omdat de Calcomp-plotter al ruim tien jaar in gebruik was en steeds meer slijtageverschijnselen begon te vertonen, werd deze in 1982 vervangen door een Calcomp 1051 plotter. Omdat de plotter een hoge bezettingsgraad had, was er grote vraag naar een plot-preview mogelijkheid. Na bestudering van de Calcomp plotbibliotheek werd in enkele weken een bibliotheek geschreven die de Calcomp plotbibliotheek aanroepen verving door TCS-aanroepen. Daardoor konden gebruikers hun plots vooraf bekijken en fouten er uit halen. Het PREVIEW-programma haalde de previewplot op uit een systeemqueue, toonde deze, waarna de gebruiker kon “zoomen” en als hij/zij uiteindelijk tevreden was de plot met een simpele klik naar de plotqueue kon overhevelen.

Het Comtal “Vision One/20” systeem

De COMTAL Vision One/20 – volgens de leverancier “een systeem dat tegen de rand van de technische mogelijkheden aan lag – werd in oktober 1980 geleverd. De aanschafkosten bedroegen US$ 144,000. Bij de acceptatie bleek het systeem niet aan alle gestelde eisen te voldoen. In verband met projectverplichtingen werd het systeem wel conditioneel in gebruik genomen, waarbij een bedrag werd achter gehouden totdat de problemen opgelost waren. Het geleverde Comtal Vision One/20 was gebaseerd op een PDP LSI 11/02-systeem. Om de afnameproblemen op te lossen moest overgegaan worden naar Release K, een release die niet op een 11/02 kon draaien. Enkele maanden hierna verbrak de leverancier de banden met de fabrikant van het systeem.
Uiteindelijk zijn er nog in 1987 – zeven jaar na de installatie – advocaten aan te pas gekomen om het gerezen afname- en betalingsconflict te regelen. De Comtal werd op 1 september 1988 buiten gebruik gesteld.

In 1983 werd voor zo’n 350.000 gulden een VAX 11/750 aangeschaft voor:

  • het aansturen van de Comtal en de opslag van Comtal-files, dit om de Comtal effectiever te kunnen gebruiken;
  • het ontwikkelen van software voor meetsystemen gebaseerd op microPower/Pascal;
  • het cross-compileren van eigen ontwikkelde code voor Motorola 68000-microprocessoren, met name voor de Defensie Zodiac communicatiesystemen.

Bij de aanschaf van de VAX 11/750 werd door de Computercommissie van de TNO Hoofdgroep defensieonderzoek (HDO), de voorloper van TNO Defensieonderzoek met nadruk gekeken naar de inpasbaarheid van het systeem in de infrastructuur van het ‘geïntegreerde’ laboratorium alsmede dat van de HDO.

VAX 11/750 met enkele RA80/TA80-schijf/tape-eenheden in het kabinet
VAX 11/750 met enkele RA80/TA80-schijf/tape-eenheden in het kabinet